Afgelopen vrijdag was er net een nieuwe computer bij me bezorgd. Ik was dus druk bezig om deze nieuwste technologie uit te pakken om te kijken wat deze computer allemaal kon en hoe snel 'ie was, toen er opeens aangebeld werd. Ik verwachte niemand, maar ik deed toch open. Voor mijn deur stond een man met folders in zijn hand, en een enorme glimlach op zijn hoofd. "Goedenmiddag meneer." zei hij enthousiast. "Ik ben Saïd." Hij bleef glimlachen terwijl hij op zijn naamplaatje wees. Er stond een foto op dat naamplaatje, dat precies hetzelfde glimlachende hoofd liet zien. Ik kon gelijk zien: Saïd was inderdaad Saïd.
"Ik ben van Cordaid." begon Saïd. "Heeft u wel eens van Cordaid gehoord?" Ik knikte van ja, en de glimlach van Saïd werd nog groter, hoewel ik niet dacht dat dit zou kunnen. "Weet u dat er in verre landen kinderen leven onder hele moeilijke omstandigheden? Geen dak boven hun hoofd, geen eten, en wat ik het allerergste vind: geen onderwijs." Weer knikte ik. Ik ben onderwijzer, dus ik was het helemaal met Saïd eens. "Ik weet het." zei ik. Saïd's witte tanden werden nog meer geshowed, terwijl hij door ging. Hij wilde graag dat ik een formulier invulde. Een formulier waarin ik zou beloven dat ik geld zou geven. "Uw buren hebben al tien of vijftien euro overgemaakt, maar u mag natuurlijk minder geven: dat hangt allemaal van u af." vertelde Saïd mij. En hij wees me nog eens op zijn naamplaatje. "Ik ben Saïd."
Ik moet eerlijk toegeven, ik werd zelf helemaal enthousiast van Saïd. Wat een geweldige organisatie moest die Cordaid zijn, dat Saïd zo stralend de deuren langs kan gaan. Het kon niet anders of hij geloofde in de missie van Cordaid. Hij geloofde dat al het geld dat hij ophaalde ook daadwerkelijk bij de arme kindertjes in arme landen terecht zou komen. Hij geloofde in het goede van de mensen.
Ik begon te twijfelen aan mezelf. Ik voelde me schuldig: ik gaf namelijk niets. Ik vertelde Saïd dat ik dit liever niet wilde, en ik was al bang dat de eeuwige glimlach van Saïd zou verdwijnen. Dat ik zijn geloof ik de mensheid had stukgemaakt. Dat hij boos zou worden, of nog erger: teleurgesteld. Ik wilde arme Saïd niet pijn doen.
Maar nee. Saïd bleef glimlachen. "Dat geeft niet meneer." zei hij. "Ik weet zeker dat als u een miljoen euro had, u wel zou geven." Ik knikte. "Fijne dag nog meneer." zei Saïd met zijn glimlach, en ging al enthousiast fluitend naar de volgende deur.
Ik deed mijn deur dicht, en dacht even na. "Wat een fijne vent." zei ik tegen mezelf, terwijl ik terug ging naar mijn nieuwe computer. Even voelde ik me schuldig dat ik geld had uitgegeven aan een nieuwe computer, en niet aan de kindertjes in arme landen. En toen ging de computer aan.
Monday, 22 February 2010
Monday, 8 February 2010
Winterweer
"Heb jij ook niet genoeg van dat winterweer?"
Die vraag komt me steeds vaker tegemoed. Het is nu al meer dan 6 weken winter. Meer zelfs: meer dan twee maanden! De temperatuur is in deze twee maanden amper boven de 6 graden geweest. En nu vriest het ook weer. Mensen lopen rond in dikke jassen, handschoenen, dubbele sjaals en net zo dubbele sokken. De elfstedenkoorts gaat rond als een lopend vuurtje, maar helaas, dat zit er nog niet in. Toch is er nog hoop: de winter is nog niet over.
Ik vind het wel grappig eigenlijk, de winter. Het is jaren geleden dat we een echte winter hebben gehad. De opwarming van de aarde is daarmee zeker wel bewezen, en toch zijn er nog mensen die deze koude winter als bewijs leveren van het tegendeel. Nogal logisch: degenen die zeggen dat de aarde opwarmt roepen dit nu in dikke winterkleding, ploeterend door de sneeuw.
Dit is ook zeker een koude winter. Januari is zelfs de koudste januarimaand van de eeuw geweest! Nu is de eeuw ook maar 10 jaar oud, maar toch, dat zegt wel wat, nietwaar? Waar vorig jaar er rond deze tijd als sneeuwklokjes in de tuin stonden, is alles nu nog dor en kaal. Geen wonder dat de mensen uitkijken naar de lente: niemand is dit meer gewend. Onze biologische klok is zo aangepast dat we deze winters niet meer kennen. Vandaag dat iedereen zegt dat de winter nu wel eens afgelopen mag zijn.
Maar ik laat een tegengeluid horen. Ik zeg: ga door met de winter! Geef ons meer sneeuw, meer ijs! Laat het hier net zo hard sneeuwen als in Amerika, waar er 80 centimeter is gevallen. Nee, maak er maar een meter van! Pas als we allemaal ingesneeuwd in huis zitten, proberen warm te houden terwijl de stroom is uitgevallen... pas *dan* hebben we het recht om te zeggen dat deze winter maar eens op moet houden. Pas dan hebben we ervaren wat een echte strenge winter doet. En misschien zien we dan de volgende winter, als het weer een kwakkelwinter wordt, dat de aarde echt aan het opwarmen is...
Tot die tijd blijf ik lekker binnen zitten bij de verwarming. Het is wel leuk die winter, maar oh zo ontzettend koud!
Die vraag komt me steeds vaker tegemoed. Het is nu al meer dan 6 weken winter. Meer zelfs: meer dan twee maanden! De temperatuur is in deze twee maanden amper boven de 6 graden geweest. En nu vriest het ook weer. Mensen lopen rond in dikke jassen, handschoenen, dubbele sjaals en net zo dubbele sokken. De elfstedenkoorts gaat rond als een lopend vuurtje, maar helaas, dat zit er nog niet in. Toch is er nog hoop: de winter is nog niet over.
Ik vind het wel grappig eigenlijk, de winter. Het is jaren geleden dat we een echte winter hebben gehad. De opwarming van de aarde is daarmee zeker wel bewezen, en toch zijn er nog mensen die deze koude winter als bewijs leveren van het tegendeel. Nogal logisch: degenen die zeggen dat de aarde opwarmt roepen dit nu in dikke winterkleding, ploeterend door de sneeuw.
Dit is ook zeker een koude winter. Januari is zelfs de koudste januarimaand van de eeuw geweest! Nu is de eeuw ook maar 10 jaar oud, maar toch, dat zegt wel wat, nietwaar? Waar vorig jaar er rond deze tijd als sneeuwklokjes in de tuin stonden, is alles nu nog dor en kaal. Geen wonder dat de mensen uitkijken naar de lente: niemand is dit meer gewend. Onze biologische klok is zo aangepast dat we deze winters niet meer kennen. Vandaag dat iedereen zegt dat de winter nu wel eens afgelopen mag zijn.
Maar ik laat een tegengeluid horen. Ik zeg: ga door met de winter! Geef ons meer sneeuw, meer ijs! Laat het hier net zo hard sneeuwen als in Amerika, waar er 80 centimeter is gevallen. Nee, maak er maar een meter van! Pas als we allemaal ingesneeuwd in huis zitten, proberen warm te houden terwijl de stroom is uitgevallen... pas *dan* hebben we het recht om te zeggen dat deze winter maar eens op moet houden. Pas dan hebben we ervaren wat een echte strenge winter doet. En misschien zien we dan de volgende winter, als het weer een kwakkelwinter wordt, dat de aarde echt aan het opwarmen is...
Tot die tijd blijf ik lekker binnen zitten bij de verwarming. Het is wel leuk die winter, maar oh zo ontzettend koud!
Subscribe to:
Posts (Atom)